Wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 13 oktober 2022

Wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 13 oktober 2022 betreffende de biologische productie: wat verandert er voor biologische marktdeelnemers?

Op 10 september 2026 werd in het Belgisch Staatsblad een ministerieel besluit van 8 juli 2026 gepubliceerd tot wijziging van verschillende bijlagen bij het besluit van de Waalse Regering van 13 oktober 2022 betreffende de biologische productie en de etikettering van biologische producten. Deze wijzigingen zijn op 20 september 2026 in werking getreden. 

Dit moet u onthouden – Wijziging van het besluit van de Waalse Regering

  1. Strengere maatregelen bij ernstige inbreuken

De gemeenschappelijke catalogus van maatregelen voor de biosector werd aangepast. Een van de belangrijkste nieuwigheden is de invoering van de maatregel intrekking van de certificering. In tegenstelling tot een schorsing maakt deze maatregel een einde aan de biocertificering van de marktdeelnemer. 

Deze maatregel kan worden toegepast in bepaalde gevallen van kritieke niet-conformiteit. Dit heeft de volgende gevolgen: 

  • De overeenkomst met de controle-instantie wordt beëindigd; 
  • De marktdeelnemer kan gedurende één jaar geen overeenkomst aangaan met een andere controle-instantie. 

Het doel is om fraude en de ernstigste tekortkomingen strenger aan te pakken. 

Daarnaast werden bepaalde definities (declassering van dieren en verlenging van de omschakelingsperiode), bepaalde tekortkomingen en de bijbehorende maatregelen gewijzigd. Marktdeelnemers die hierover meer details wensen, kunnen de regelgeving raadplegen via de bovenstaande link.  

  1. Varkenshouderij: duur van de afzondering van zeugen

De maximale periode waarin een zeug rond het werpen afgezonderd mag worden gehouden, wordt verlengd van 28 naar 43 dagen. 

  1. Pluimveehouderij: nieuwe regels voor de rustperiode van uitlopen

Uitlopen voor pluimvee moeten voortaan na elk koppel minstens 5 weken lang vrij van pluimvee blijven. 

Tijdens deze rustperiode mogen de uitlopen wel door andere diersoorten worden gebruikt. Ze moeten echter gedurende minstens 2 weken volledig diervrij blijven. 

Dankzij deze aanpassing kunnen de uitlopen beter worden benut, terwijl de nodige maatregelen ter bescherming van de gezondheid van het pluimvee behouden blijven. 

  1. Voorwaarden voor buitenaanbouwen van pluimveestallen

De voorwaarden waaronder een buitenaanbouw mag worden meegerekend bij de berekening van de binnenoppervlakte en de bezettingsdichtheid zijn gewijzigd. 

Naast de voorwaarden die al van toepassing waren, moet de buitenaanbouw voortaan ook beschikken over een geïsoleerd dak dat voldoende bescherming biedt tegen zowel koude als extreme hitte. 

Wat de verplichting betreft om buitenaanbouwen uit vier volledig gesloten wanden te laten bestaan, geldt voortaan een uitzondering voor bedrijven waar jonge hennen en leghennen worden gehouden. Bij deze bedrijven mag een van de vier volledig gesloten wanden van de buitenaanbouw worden vervangen door een windbreeknet of een open gevelbekleding die bescherming biedt tegen wind en slagregen. 

U kunt de wijzigingen hier raadplegen.